Er moet een EPC opgemaakt worden voor álle gebouwen groter dan 250 m² in het Vlaamse Gewest waarin publieke organisaties gevestigd zijn die diensten verstrekken aan een groot publiek en die vaak bezocht worden.
Het gaat om organisaties zoals:
Let op, ook gebouwen zoals een brandweerkazerne die niet vaak door het publiek worden bezocht, moeten binnenkort een EPC NR laten opstellen, zelfs al worden ze niet te huur of te koop aangeboden.
Vanaf 2026 moet dan elk niet-residentieel gebouw met een bruikbare vloeroppervlakte vanaf 500 m² continu over een geldig EPC NR beschikken. Het EPC NR is slechts vijf jaar geldig en zal dus periodiek hernieuwd moeten worden. Dit EPC moet altijd op een zichtbare plaats opgehangen worden en het publiek informeren hoe energiezuinig het gebouw is.
Het EPC NR moet opgemaakt worden door de gebouweigenaar, erfpachter of opstalhouder en niet door de gebouwgebruiker, zoals bij het EPC publiek het geval is. U moet het dus niet zelf opmaken indien u huurder bent. Vraag wel een kopie zodat u kan voldoen aan de uithangplicht.
Het EPC NR wordt opgemaakt door een onafhankelijke en erkende energiedeskundige type D.
Een op dat moment nog geldig ‘EPC Publiek’ voldoet vanaf 1 januari 2024 niet langer aan de uithangplicht. Er moet een nieuw EPC NR opgemaakt en uitgehangen worden op een voor het publiek zichtbare plaats.
Ja, vanaf 1 januari 2028 moeten alle grote gebouweenheden (> 500 m²) van publieke gebouwen en overheidsgebouwen over een geldig EPC NR beschikken waaruit blijkt dat minimaal een label E behaald wordt. Dat betekent een aandeel hernieuwbare energie van meer dan 5%. Gebouwen van gemeenschapsonderwijs en gesubsidieerd onderwijs krijgen hiervoor nog uitstel tot 2030.
Vanaf 1 januari 2030 zullen ook álle grote niet-residentiële gebouweenheden minimaal over een label E moeten beschikken.
Deze minimale labels worden stelselmatig aangescherpt zodat publieke gebouwen tegen 2045 op 100% hernieuwbare energie functioneren. De niet-publieke, niet-residentiële gebouwen krijgen nog respijt tot 2050.
Het traject naar een koolstofneutraal gebouwenpark gebeurt op basis van het EPC. Dit EPC heeft twee indicatoren: het energielabel en de energiescore. Het energielabel wordt bepaald op basis van een werkelijk gemeten aandeel hernieuwbare energie ten opzichte van een totaal energieverbruik. Het gebruikersgedrag speelt in deze indicator dus ook een rol.
De energiescore is dan weer gebaseerd op een theoretische berekening van de energieprestatie met haar gebouwkenmerken en met een standaard gebruikersprofiel.